| Waterzuivering
-
korrelslib
|
| Waarschijnlijk
sta je er niet bij stil, maar het meeste water dat uit de kraan komt
wordt eerst grondig gezuiverd met behulp van diverse soorten bacteriën. De micro-organismen in een
waterzuiveringsinstallatie leven van de vervuilende componenten in het
water en breken ze af. Als gevolg daarvan groeit de biomassa en wordt
het water schoon.
|
|
| Anaëroob
vs. aëroob
|
|
Met name op het gebied van de anaërobe zuivering
wordt de laatste decennia veel onderzoek gedaan. Daar zijn verschillende
redenen voor. Ten eerste kost de beluchting in een aërobe installatie
ontzettend veel energie en is dus duur. Daarbij worden bepaalde stoffen
efficiënter omgezet in een anaërobe omgeving en groeit het
zuiveringsslib minder hard (slib is een term die gebruikt wordt voor de
verzameling van verschillende micro-organismen in een
waterzuiveringsinstallatie). Een laatste voordeel is dat erbij
anaërobe zuivering doorgaans energie geproduceerd wordt, in de vorm van
methaan (CH4). Als je meer wilt weten over het ontwerpen
van anaërobe waterzuiveringsinstallaties, kijk dan eens naar de
website van Paques.
|
|
| UASB
reactor |
|
De
UASB reactor is één van de meest toegepaste anaërobe
reactorontwerpen
in de wereld. UASB staat voor Upflow Anaerobic Sludge Bed.
Rechts zie je een schema van hoe zo’n reactor in werkelijkheid
werkt. De
term Upflow geeft aan dat de het water van onder naar boven gepompt wordt: het
vieze water (influent) wordt over een aantal openingen in de bodem
van de reactor verdeeld. Het water passeert vervolgens een zogenaamd
sludgebed; de micro-organismen in het slib krijgen nu de kans om
alle stoffen, die ze kunnen gebruiken om te groeien en om energie te genereren,
uit het water te halen. Als afvalproduct produceren sommige
micro-organismen (de zgn. Archaea) hierbij methaan. Het
methaangas stijgt naar boven (witte belletjes).
|
Schematische
voorstelling van de werking van een UASB reactor.
|
|
|
|
| De
opwaartse stroming (van het water en het geproduceerde gas) neemt de
slibdeeltjes mee. Maar het slib heeft een aantal zeer bijzondere
karakteristieken (zie ook syntrofie
in korrelslib), waardoor het onder invloed van de zwaartekracht weer terugzakt naar de bodem
van de reactor om het gehele proces weer opnieuw te kunnen doorlopen.
Dat is maar goed ook want anders zou het slib door uitspoeling verloren
gaan. Boven het wateroppervlak hangt een installatie die de "dome"
gascollector wordt genoemd. In feite worden hier drie fasen van elkaar
gescheiden: het biogas (1) stijgt tot in de top van de reactor en wordt
verzameld in kegelvormige ruimtes, het effluent, het schone water (2) wordt net onder het
oppervlak afgepompt en het slib (3) bezinkt. Sinds oktober 2002
bestaat er een website
waar getracht wordt om de technologie van anaëroob korrelslib
plus wetenswaardigheden voor een groter publiek duidelijk te
maken. |
|
| Syntrofie
in korrelslib |
| Het
slib in een UASB reactor heeft als bijzondere eigenschap dat het
spontaan korrels vormt, die goed bezinken. Dit komt deels door de
stromingsdynamiek in de reactor maar ook doordat de verschillende soorten
micro-organismen elkaar nodig hebben! In de biologie wordt de term
syntrofie gebruikt voor dergelijke interacties. Het geeft aan dat
bepaalde organismen wederzijds afhankelijk van elkaar zijn. In het slib
spelen zulke interacties een belangrijke rol. Het heeft voornamelijk te
maken met de variëteit van substraten dat wordt aangeboden in het
afvalwater en de beperkte mogelijkheden van een micro-organisme. Klik
hier voor het openen van
een overzicht van alle metabole omzettingen die bijvoorbeeld
plaatsvinden in de anaërobe waterzuivering van een papierfabriek. |
|
| Rechts zie je een slibkorrel,
of "granule". In zon korrel zijn drie lagen te onderscheiden. De
buitenste laag (1) bevat bacteriën die polymeren kunnen
afbreken, de eerste stap van het netwerk van afbraakreacties. Deze
kleinere brokstukken kunnen worden verwerkt door de tweede laag
micro-organismen (2), hier vinden de syntrofe interacties vooral
plaats. De kern van de korrel (3) bestaat voornamelijk uit
anorganisch en dood bacterieel materiaal. |
 |
 |
|
| Als gevolg van de afbraak van
polymeren ontstaan kleinere brokstukken, met name glucoseeenheden in
het voorbeeld. Wanneer deze moleculen vervolgens ook weer onderworpen
worden aan microbiële activiteit worden er verschillende organische
vetzuren gevormd. De belangrijkste daarvan zijn propionaat (3 C s)
en butyraat(4 C s). De
afbraak van deze stoffen gebeurt doorgaans niet zo gemakkelijk. Normaal
gezien (in afwezigheid van een fermentatief metabolisme of een anorganische
elektronenacceptor) zouden er bij de oxidatie van
propionaat of butyraat namelijk reductie-equivalenten ([H]) worden
gevormd. Deze kunnen niet hergebruikt worden en werken uiteindelijk
remmend op de oorspronkelijke afbraakreactie. (Dit heeft te maken met de
thermodynamica van de verschillende reacties en de aard van de elektroncarriers, NAD+ of ferrodoxine; voor meer info, klik hier.)
Syntrofe micro-organismen
hebben hier een oplossing voor gevonden. Door in de directe
nabijheid te leven van andere micro-organismen die [H] s
consumeren, wordt de waterstofpotentiaal voldoende laag gehouden om een
leefbaar milieu te creëren. Archaea (methanogene bacteriën) kunnen m.b.v. de
reductie-equivalenten bijvoorbeeld methaan produceren. |
| In de figuur
rechts zie je een schematische voorstelling van de syntrofe
relaties betrokken bij de afbraak van korte organische vetzuren.
Zoals hierboven beschreven komen er bij de afbraak van propionaat
en butyraat [H] s vrij (blauw vlak). Mits de syntrofe
bacterie zich in de nabijheid van bv. een Archaea (rechter
helft figuur) bevindt, kunnen de reductie- equivalenten
doorgegeven worden aan deze methanogene bacteriën, die de [H] s
vervolgens gebruiken om methaan te produceren. Beide
micro-organismen hebben voordeel van deze manier van interactie. |

|
|
Isolatie
en karakterisatie van micro-organismen uit slib
|
Ondanks
het feit dat de mens al eeuwen gebruik maakt van de
zuiverende capaciteit van micro-organismen, is er nog maar
heel weinig bekend over de individuele bacteriën die elk
een klein stukje van een grote afbraakroute voor zich nemen.
Voornaamste reden hiervoor is waarschijnlijk dat de
bestaande processen goed functioneerden en er dus niet
gerommeld hoefde te worden aan de karakteristieken van de
biomassa. Als er een nieuwe zuiveringsinstallatie opgestart
moet worden, wordt er gewoon een bepaalde hoeveelheid slib
uit een oude reactor gehaald wordt als entmateriaal.
Voordeel daarvan is dat, na bepaalde adaptatie tijden, zeer
stabiele gemeenschappen van micro-organismen worden
gecreëerd. Maar recente ontwikkelingen wijzen uit dat
de eisen aan waterzuiveringsinstallaties steeds strenger
worden wat betreft de lozingen. Behalve het reinigen van
huishoudelijke afvalwater (grote hoeveelheden, lichte
vervuiling) worden nu ook industriële waterstromen
(kleinere volumes, specifiekere en hogere contaminaties) op
grote schaal gereinigd met anaërobe installaties.
|
|
Inmiddels
is een aantal groepen micro-organismen in het
waterzuiveringsslib goed onderzocht. Dit betreft met
name die bacteriën die verantwoordelijk zijn voor de eerste
stappen in het afbraakproces, in grote getale
vertegenwoordigd zijn of gemakkelijk te isoleren zijn. Onder
de moeilijke bacteriën worden de al eerder
besproken syntrofe bacteriën verstaan. Juist omdat ze afhankelijk
zijn van een ander organisme (obligaat of facultatief), is
het soms onmogelijk een culture volledig rein te krijgen
(zie ook isolatiemethoden
onder technieken). Toch
kan het bestuderen van ophopingen interessante vragen
oproepen en ook leuke plaatjes opleveren. Hiernaast zie je
bijvoorbeeld een microscopische foto van een kweek van
anaërobe bacteriën met propionaat als substraat.
De groengele kleur duidt op de aanwezigheid van methanogene bacteriën.
Uit deze foto blijkt heel duidelijk dat de verschillende
micro-organismen zich het liefst zo dicht mogelijk rondom de
methanogene bacteriën bevinden, zodat ze gemakkelijk de
reductie-equivalenten kunnen afgeven.
|
Foto van
een cluster van propionaatoxiderende bacteriën onder
fluorescent licht. De meeste methanogene bacteriën bevatten een
stofje dat factor F-420 heet. Bij bestraling met licht met
een golflengte van 420 nm, zendt deze factor fotonen uit,
waardoor een groengele gloed ontstaat. Zelfs op zon
kleine schaal (dit is een monster uit een flesje van 50 ml)
is de typische korrelvorming al te observeren!
|
|
|
|
| Met
enige moeite is het Frank de Bok (Wageningen Universiteit) gelukt
om een syntrofe bacterie in reincultuur te verkrijgen. Om de
bacteriën van elkaar te scheiden heeft hij een aantal
onconventionele methoden toegepast, zoals de
Percoll gradiënt (deze staat beschreven onder
isolatiemethoden. |
| In
het plaatje rechts zie je een microscopische foto van een co-cultuur
(cultuur met slechts twee soorten) van de
propionaat afbrekende bacterie Syntrophobacter
fumaroxidans (MPOB; klein en ovaalvormig) en de
methanogene bacterie Methanospirillum hungatei (gekromde
staaf). Uit MPOB zijn verschillende enzymen geïsoleerd die
een rol zouden kunnen spelen bij het fenomeen syntrofie. Er
zijn minstens drie soorten hydrogenases aangetroffen
(transport van reductie-equivalenten ([H]s) over het
celmembraan), maar ook twee verschillende
formaatdehydrogenases (transport van formaat)! Dit doet
vermoeden dat niet alleen [H]s
uitgewisseld worden tussen
verschillende soorten, maar dat formaat hierin ook een
belangrijke schakel vormt. |
Foto gemaakt met
fasecontrast microscoop van co-cultuur van MPOB met Methanospirillum
hungatei. |
|
| Recent
onderzoek |
|
Vreemd
genoeg is er eigenlijk heel weinig bekend over de
verschillende micro-organismen die voorkomen in het slib en
over wat hun specifieke rol is binnen het hele ecosysteem.
Toch is deze informatie belangrijk bij het veranderen
en optimaliseren van een waterzuiveringsproces. Bij het Laboratorium
voor Microbiologie (Wageningen UR) wordt
hiernaar onderzoek gedaan en wel in twee richtingen (zie ook
deze projectomschrijving:
integratie tussen moleculaire ecologie en microbiële
fysiologie) ;
enerzijds is het doel dominante bacteriën uit het slib te
isoleren en te karakteriseren, anderzijds probeert men een
moleculaire detectiemethode (zie ook moleculaire
technieken) te ontwikkelen waarmee snel zichtbaar gemaakt
kan worden welke micro-organismen aanwezig zijn.
Het
isoleren van een bacterie, met bijzondere eigenschappen, uit
waterzuiveringsslib kan een grote ontdekking betekenen. De
eerdergenoemde stikstofafbrekende bacterie Brocadia
anammoxidans is hiervan een sprekend voorbeeld. Naar
aanleiding van het microbiële onderzoek is er een volledig
nieuw reactorontwerp op tafel gekomen. Er wordt gezegd dat
het nieuwe proces tien keer zo goedkoop is, geen
chemicaliën vereist, bijna tien keer zo weinig energie kost
en dus tien keer minder CO2 uitstoot. Voor meer
informatie over dit onderwerp klik hier.
|
|
|
|